Van der Maarel ArtEco
Marijke van der Maarel-Versluys en dr. Eddy van der Maarel
Taal Appendix 1

Etymologie   Appendix  1:  Samenhang tussen 50 Indo-Europese talen en hun mogelijke ontwikkeling

 

    Er zijn veel studies verricht over de ontwikkeling van de verschillende taalfamilies. Die spreken elkaar nogal eens tegen. Om een indruk te geven van de verschillende moderne benaderingen wordt hier het resultaat getoond van een studie door Serva & Petroni (2007) (OPU-013), die 50 talen paarsgewijze met elkaar vergeleken op hun gelijkenis in 200 zorgvuldig gekozen woorden. Op grond van de verwantschappen werd een dendrogram berekend. De tijdas van ca. 5000 jaar werd geschat op basis van de geschatte gemiddelde snelheid waarmee woorden veranderen; daarbij werden de bekende tijd voor de ontwikkeling van Italiaans naar Frans (1600 jaar) en van IJslands naar Noors (1100 jaar) als basis genomen. Deze stamboom is zeker niet de ultieme waarheid, maar geeft toch een aardig idee over hoe het kan zijn gegaan.

Het dendrogram is in bijgaande Fig. 1.1  weergegeven. Het geeft een interpretatie weer van de verwantschap in woorden tussen Indo-Europese talen als evolutieschema (Serva & Petroni 2007, OPU-013) We zien onder meer dat de familie van de Germaanse talen het meest verwant is met de Italische (Romaanse) talen, maar dat die twee families al relatief lang geleden uit elkaar zijn gegaan. Volgens andere opvattingen zijn de Italische en Keltische talen later gesplitst. De meeste taalfamilies zijn zelfstandig geworden in een betrekkelijk korte tijd aan het begin van de diaspora – toen de mensen die de talen toen spraken nog niet op hun uiteindelijke plaats van bestemming terechtgekomen waren. Het is wel de vraag of de splitsingen aan het begin niet verder van elkaar hebben gelegen. Dat zou ook beter overeenkomen met de gebruikelijke schattingen van de leeftijd van de Indo-Europese talen.

Van de talen die hier regelmatig aan de orde komen heeft het Grieks zich het eerst afgescheiden en is het minst verwant met de Germaanse talen. Alleen de uitgestorven Anatolische talen en het Armeens (boven in de figuur) zijn ouder. Mogelijk zijn de talen van de Griekse familie (met klassiek Grieks) niet via Azië maar via Turkije in Europa beland. Als toevoeging over de Germaanse talen nog het volgende. Het Fries ontbreekt hier, zoals vele andere talen, omdat de selectie beperkt is gehouden.

Het Engels staat een beetje buiten de groep van de Germaanse talen, wat gemakkelijk kan worden verklaard door de mengeling van Germaanse (Anglo-Saksische) en vooral Romaanse woorden die door de Normandische overheersers sinds 1066 zijn ingevoerd. De schatting van de ouderdom van de ‘afsplitsing’ berust op de interpretatie van de lage verwantschap met de andere Germaanse talen en is dus chronologisch gezien onrealistisch; het moderne Engels is nog geen 1000 jaar oud en is in feite de jongste Germaanse taal. Niettemin geeft dit dendrogram aardig weer hoe de Indo-Europese talen zich tijdens de diaspora kunnen hebben ontwikkeld.


UA-76357729-1